Terug naar overzicht

Topsporters komen uit de kast

Bij de dood van topscheidsrechter John Blankenstein in 2006 werd gezegd dat hij op zijn sterfbed een lijstje had gemaakt van acht profvoetballers die hem ooit hadden verteld dat ze zich vanwege hun seksuele geaardheid geen raad wisten in het intolerante milieu van topvoetbal. Uit angst zouden ze altijd hebben verzwegen dat ze op mannen vielen.

Jarenlang had de strijdbare Blankenstein zich ingezet om het taboe van homoseksualiteit in de topsport te doorbreken, maar hij stuitte in zijn overtuiging op de typische eigenschappen van deze machowereld.

Gevecht voortzetten

Enkele maanden na Blankensteins dood benaderde COC Nederland zijn familie met het verzoek de ‘John Blankenstein Foundation’ op te richten.

Zus Karin Nederpelt-Blankenstein: ‘We hebben geen moment geaarzeld, we wilden Johns gevecht tegen de homovijandigheid in de sport voortzetten. We kenden zijn ervaringen en verhalen. Zelf had hij geen angst om uit de kast te komen, maar we wisten van hem waarom anderen dat niet durfden in een land dat bekend staat om zijn openheid en vrijheid’.

Natuurlijk heeft ze na de dood van haar broer gezocht naar dat lijstje met acht namen van innerlijk verscheurde voetballers. Karin Nederpelt denkt dat het ‘een broodje aap-verhaal’ is. ‘Maar ze zijn er wel, dat heeft John mij vaak genoeg verteld, zonder overigens namen te noemen’.

Rolmodellen

Uit het onlangs door het Sociaal en Cultureel Planbureau gepresenteerde onderzoek´Gewoon Doen’ blijkt dat homoseksuele en lesbische sporters hun seksuele geaardheid maar al te vaak verborgen houden voor medesporters.

Met steun van NOC*NSF-voorzitter Erica Terpstra en het kabinet Balkenende IV wil COC Nederland homoseksualiteit in de topsport beter zichtbaar en bespreekbaar maken vanuit de overtuiging dat daardoor de acceptatie en integratie van homo’s in de breedtesport en de samenleving verbetert.

Samen met de John Blankenstein Foundation verschijnt er daarom in het najaar het boek ‘Gelijkspel. Portretten van homoseksuele topsporters’, waarin actieve of inmiddels gestopte topsporters vertellen hoe hun homoseksuele geaardheid hun leven verrijkt.

Dagtaak

Samensteller en schrijver van het boek Huub ter Haar: ‘Wat we willen is dat mensen hun eigenheid tonen en de kracht die ze daaraan in de sport en in de samenleving ontlenen’.

Ter Haar dacht het werk er in de avonduren even bij te kunnen doen, inmiddels is het zo ongeveer een dagtaak, want het is een lange weg om topsporters te vinden.

‘Voortdurend bekruipt me het gevoel: Kom op hè, we leven toch wel in 2008’, zegt Ter Haar. Het taboe bestaat, zegt ook Karin Nederpelt: ‘Ik ben bij de KNVB geweest en heb aangedrongen om werk te maken van de strijd tegen homovijandigheid. Nou nee hoor, dat duurt waarschijnlijk nog wel een paar jaar, terwijl dat, zeker in deze tijd, te lang is’.

Teamsporten

Ter Haar heeft inmiddels zes topsporters bereid gevonden medewerking te geven aan het boek. Ze zijn afkomstig uit het schaatsen, hockey, paardensport, zwemmen, schieten en wielrennen.

‘Topsporters uit de mannelijke teamsporten, dat is een groot probleem. Ik heb bijvoorbeeld bondscoach Peter Blangé gebeld met de vraag of hij een volleyballer kende. Nee, natuurlijk niet. Bonden kunnen niet helpen, dat begrijp ik wel, maar het zegt ook wel weer iets’.

‘Ik heb twee jonge topsporttalenten benaderd van wie min of meer bekend is dat ze homo zijn. Ze twijfelen nog omdat ze bang zijn dat hun carrière gevaar loopt. Twee voormalige topsporters hebben na hun coming-out hun sponsorcontract verspeeld en zien wellicht daarom af van deelname. Een ander weifelt nog omdat ze haar moeder niet wil bruuskeren’.

Diversiteit

Huub ter Haar weet dat vooral in de mannelijke teamsporten de strijd om de tegenstander te willen verslaan de eenzijdige heterogerichtheid versterkt. Deze norm laat namelijk geen ruimte voor diversiteit en zeker niet voor homoseksualiteit.

‘De visionaire aanpak van een voetbaltrainer als Foppe de Haan valt op; die heeft bewezen dat hij ruimte geeft aan ieder persoon om het maximale uit zichzelf te halen. Hij maakt in Jong Oranje juist gebruik van de grote rijkdom aan etnische en culturele diversiteit. Alleen zo komt het team tot een optimale prestatie. Sporters presteren daarom beter als ze zichzelf kunnen zijn. De norm is dan diversiteit. En dat heeft moderne topsport nodig!’

Dubbelleven

‘Profvoetballers zijn echter het bezit geworden van een juk, een levensstijl, die bepaalt wat ze moeten doen. Voetballers moeten kerels zijn met oerinstinct en overwinningsdrang. Je bent een mietje als je geen meisje hebt, dus heb je een vriendin en speel je een dubbelleven’, zegt Ter Haar.

‘Mij kwamen drie namen van voetballers ter ore die wel eens homo zouden kunnen zijn en wellicht geschikt waren voor mijn boek. De eerste zei dat hij dat wel vaker had gehoord omdat hij vrijgezel is, maar ontkende, de tweede stelde me meteen voor aan zijn vriendin en ook bij de derde liep het spoor dood’.

Doorbraak

Volgens Ter Haar is de tijd rijp voor een doorbraak. ‘Homoseksuele topsporters moeten weten dat als ze uit de kast komen, ze niet alleen staan en ze de tijd ver vooruit zijn.’

(Ex-)topsporters kunnen zich melden voor deelname aan het boek op het email-adres huub@weth.nl.

Zie voor meer informatie ons dossier Sport.