Terug naar overzicht

Onderzoek homodiscriminiatie Zuid-Afrikaanse adoptiebureaus

De Zuid-Afrikaanse Mensenrechtencommissie is een onderzoek gestart naar mogelijke homodiscriminatie door Zuid-Afrikaanse adoptiebureaus, waaronder Abba Adoptions dat samenwerkt met het Nederlandse adoptiebureau Wereldkinderen. D66 heeft hier inmiddels Kamervragen over gesteld aan staatssecretaris Fred Teeven van Veiligheid en Justitie.

De Zuid-Afrikaanse Mensenrechtencommissie is met het onderzoek naar de adoptiebureaus gestart op grond van klachten van potentiële adoptieouders en adoptiebureaus uit Zuid-Afrika, de Verenigde Staten en Europa. Daaronder zijn ook klachten uit ons land, want een van de adoptiebureaus die onderzocht worden is Abba Adoptions, dat samenwerkt met het Nederlandse adoptiebureau Wereldkinderen.

De buitenlandse klagers stellen dat de adoptiebureaus bij interlandelijke adoptie discrimineren als het gaat om alleenstaanden, adoptieouders van gelijk geslacht en niet-christelijke adoptieouders. Twee Europese paren van gelijk geslacht hebben een klacht ingediend tegen Abba Adoptions, omdat ze door dit adoptiebureau uitgesloten worden vanwege hun seksuele gerichtheid.

Abba Adoptions

Abba Adoptions stelt als voorwaarde voor adoptie dat de adoptieouders christelijk, heteroseksueel en tenminste vijf jaar getrouwd zijn. Het bureau kreeg november vorig jaar al te horen van de Centrale Autoriteit Interlandelijke Adoptie van het ministerie van Sociale Ontwikkeling dat het gevoerde adoptiebeleid gewijzigd moet worden, omdat de gehanteerde criteria om voor adoptie in aanmerking te komen discrimineert zijn. De richtlijnen van de Centrale Autoriteit verbieden namelijk discriminatie op grond van ras, geslacht, taal, godsdienst, handicap of financiële draagkracht. Die richtlijnen zijn gebaseerd op de Zuid-Afrikaanse anti-discriminatiewetgeving en de Children’s Act.

Centrale Autoriteit

In het onderzoek wordt door de mensenrechtencommissie ook gekeken naar de rol van het Zuid-Afrikaanse ministerie van Sociale Ontwikkeling. Bij dit ministerie is de Centrale Autoriteit Interlandelijke Adoptie ondergebracht dat de taak heeft om toezicht te houden op het adoptiebeleid en als enige het recht heeft om adoptiebureaus de bevoegdheid te verlenen om interlandelijke adopties uit te voeren. Deze Centrale Autoriteit wordt er van beschuldigd die bevoegdheid verleent te hebben aan adoptiebureaus terwijl men op de hoogte was van het discriminerende beleid van deze adoptiebureaus.

Kamervragen

D66-Kamerleden Magda Berndsen-Jansen en Sjoerd Sjoerdsma hebben over deze kwestie inmiddels Kamervragen gesteld aan staatssecretaris Fred Teeven van Veiligheid en Justitie. De parlementariërs dringen er bij Teeven op aan de vragen voor het Kamerleg over adoptie op 2 oktober a.s. te beantwoorden.

Toenmalig D66-Kamerlid Fatma Koser-Kaya stelde in 2012 al Kamervragen over de mogelijke discriminatie van niet-christelijke en homoparen door Abba Adoptions. Minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie liet toen weten dat Abba Adoptions aan Wereldkinderen de verzekering had gegeven geen discriminerende voorwaarde meer te stellen voor adoptie aan Nederlandse adoptieouders.

[Bron: TimesLive, D66 – Illustratie: logo Abba Adoptions]