In een Eucharistieviering in de kathedraal van Keulen beklaagde kardinaal Meisner zich erover dat het gezin in Europa niet langer wordt gezien als een gemeenschap van vader, moeder en kind.
De kardinaal ging verder in tegen de stelling ‘Het gezin is waar kinderen zijn’. Volgens Meisner geldt namelijk de tijdloze definitie ‘Een man en een vrouw die getrouwd zijn vormen samen met hun kinderen een gezin’.
Meisner erkent dat een vader kan komen te overlijden of een moeder haar man verlaat, maar op grond van deze individuele gevallen mag niet getornd worden aan het feit dat een gezin uit vader, moeder en kind moet bestaan.
De kardinaal zegt dat nog altijd acht van de tien paren getrouwd zijn en drie op de vier kinderen bij hun biologische ouders wonen. Meisner veronderstelt daarom dat de oproep in de politiek en de media om ‘andere samenlevingsvormen’ die maar zo weinig voorkomenn toch gelijke rechten te geven vooral een gevolg is van het feit dat deze relaties vooral in die kringen wel veelvuldig voorkomen en het ‘voor het zeggen’ hebben gekregen.
Het gezinsbeleid is volgens Meisner in de greep van deze ‘relativisten’, die hij ‘Kinderen van Pilatus’ noemt. Zij hebben volgens de kardinaal ‘de Waarheid in de steek gelaten’ en zich ‘een werkelijkheid naar eigen smaak en voorkeur ingericht’ waarin het gezin en daarmee de hele samenleving in een ‘ideologische woesternij’ gevoerd worden.
Ook in het Nederlands gezinsbeleid van minister Rouvoet van Jeugd en Gezin wordt het gezin neutraal gedefinieerd en omvat het ook eenoudergezinnen en de gezinnen met twee moeders of twee vaders.
Zie verder ons dossier Vaticaan.