Terug naar overzicht

COC lobbyt bij OVSE-vergadering in Warschau

Zoals elk jaar was er ook nu de nodige weerstand tegen het verruimen van het OVSE mandaat ten gunste van HLBT’s en hun organisaties. De uitbreiding van dit mandaat van de OVSE om zich effectief in te zetten voor de bestrijding van discriminatie en hatecrimes tegen HLBT’s wordt al enkele jaren geblokkeerd onder andere Rusland en het Vaticaan.

Krachtig persoonlijk statement

In de plenaire zitting van de OVSE spraken delegaties van enkele non-governementele organisaties (NGO’s) zich hierover negatief uit door homoseksualiteit ondermeer te linken aan pedofilie en necrofilie.

Daar stond een krachtig persoonlijke statement van de Amerikaanse ambassadeur Michael Guest tegenover, die de aanwezigen subtiel wees op het feit dat hij zelf het slachtoffer is geweest van homofoob geweld. Net als de Europese Unie riep ambassadeur Michael Guest alle lidstaten op om in actie te komen en homofobie effectief te bestrijden.

De keuze van de Verenigde Staten voor Michael Guest als ambassadeur bij de OVSE tijdens deze conferentie is op zijn zachts gezegd opmerkelijk en markeert ogenschijnlijk een wending in de Amerikaanse politiek. Tot voor enkele jaren geleden werkte de VS het bevorderen van HLBT-thema’s bij de OVSE behoorlijk tegen. Door het gezamenlijk optrekken van ondermeer het COC en de Council for Global Equality – waar ook verscheidene Amerikaanse HLBT-organisaties onderdeel van zijn – lijkt hier nu verandering in te zijn gekomen. Michael Guest is zelf een van de drijvende krachten achter de Council for Global Equality en was in 2001 als Amerikaans ambassadeur aan Roemenië nauwgezet betrokken bij de decriminalisering van homoseksualiteit in dat land. Ook het COC, dat destijds de Roemeense HLBT-organisatie Accept ondersteunde, was hier nauw bij betrokken.

Het COC en collega-organisaties hebben gezamenlijk gepleit voor tot het verbreden van het OVSE-mandaat en de collega-organisaties uit Centraal-Azië wezen tijdens een interventie over de problemen die zij ondervinden bij het behartigen van de belangen van LHBT’s in hun regio.

Side events

COC Nederland, ILGA-Europe en de Council for Global Equality waren de gastheer van een paneldiscussie en een receptie, waar voor de uitbreiding van het OVSE-mandaat naar LHBT-gerelateerde hatecrimes aandacht werd gevraagd. Dit soort bijprogramma’s (‘side events’ in het gangbare jargon) tijdens internationale conferenties zijn de gebruikelijke middelen voor lobbyorganisaties om bij vertegenwoordigers van landen en instellingen aandacht te wekken voor bepaalde thema’s.

De paneldiscussie werd door ruim veertig personen bezocht. Onder de aanwezigen bevonden zich ondermeer de Nederlandse mensenrechtenambassadeur, de Finse OVSE-ambassadeur, overheidsvertegenwoordigers uit ondermeer Kazachstan, Oezbekistan en enkele andere landen, alsmede vertegenwoordigers van een groot aantal maatschappelijke organisaties.

Daarnaast ontving het COC samen met ILGA-Europe en de Council for Global Equality een groot aantal diplomaten, ambassadeurs, OVSE-medewerkers en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties op een gezamenlijke receptie.

Tijdens de receptie spraken de gastorganisaties en de Amerikaanse ambassadeur Michael Guest lof uit voor het werk van mensenrechtenverdedigers uit Centraal-Azië. LHBT-mensenrechtenverdedigers uit Kazachstan en Kirgizië, die deel uitmaken van het door COC gecoördineerde PRECIS-project, riepen tijdens deze paneldiscussie hun regeringen en de OVSE op om hatecrimes tegen LHBT’s te documenteren, monitoren, te vervolgen en te bestraffen.

Voor de betrokken activisten uit Kazachstan en Kirgizië – van wie de namen omwille van hun veiligheid niet vermeld kunnen worden – was het de eerste keer dat zij aan een dergelijke bijeenkomst deelnamen. Hun aanvankelijke scepsis was na de side event als sneeuw bij de zon verdwenen. Zij waren strijdbaarder geworden en hadden en waren duidelijk gegrepen. De bezoekers waren nog meer gegrepen van de verhalen over de dagelijkse realiteit van slachtoffers van hate crime.

ILGA-Europe presenteerde tijdens de bijeenkomst een nieuwe handleiding over hoe autoriteiten en maatschappelijke organisaties samen kunnen werken in het bestrijden van hatecrimes. ODIHR – het OVSE-kantoor dat verantwoordelijk is voor mensenrechten – gaf een overzicht van de HLBT-specifieke input uit het hatecrimerapport dat deze organisatie in 2009 heeft uitgebracht.

Therapie

De Amerikaanse organisatie ‘Redeemed Lives’ organiseerde een paneldiscussie over het recht tot het verlenen van reperatieve of conversietherapieën. Dat zijn therapieën om mensen te ‘genezen’ van wat dit soort organisaties aanduiden als ‘ongewilde seksuele aantrekking tot hetzelfde geslacht’.

Tijdens hun slecht bezochte side-event – er kwamen niet meer vijf personen, waaronder een vertegenwoordiger van het COC om de vinger aan de pols te houden – sprak een vertegenwoordiger van Redeemed Lives over de problemen die bijvoorbeeld leraren ondervinden wanneer zij aangeven ethische of godsdienstige problemen te hebben met homoseksualiteit. Volgens hem komen de vrijheden van meningsuiting en godsdienst voor deze groep in gevaar, omdat het hen steeds moeilijker wordt gemaakt om hun afwijzende visie op homoseksualiteit te uiten en daar gewetensvol naar te handelen.

Overigens kwame er ook een vertegenwoordigster van een gelijksoortige Oostenrijkse organisatie naar het COC-panel om daar te interveniëren. De vertegenwoordigster vroeg of de gastorganisaties van het panel ook de rechten beschermen van mensen die het slachtoffer worden van hatecrimes omdat ze besluiten conversietherapie te ondergaan.

Het COC gaf aan dat zij elke vorm van hatecrime verwerpelijk vindt en dat elke vorm bestraft moet worden, maar dat het onwaarschijnlijk is dat deze groep slachtoffers steun zoekt bij het COC. Voorts betoogde het COC in een reactie dat conversietherapieën schadelijk kunnen zijn wanneer deze door de omgeving worden opgelegd of aangeraden en dat ze kunnen leiden tot mentale gezondheidsproblemen. Het COC wees op eerder gedaan onderzoek waaruit blijkt dat jongeren die met dit soort therapieën in aanraking komen daar vaak grote schade van ondervinden. Daarnaast lijkt er een verband te bestaan tussen dit soort praktijken en het veel voorkomen van depressies onder LHBT-jongeren en dat dit mogelijk bijdraagt tot zeven keer hogere zelfmoordcijfers onder deze groep jongeren dan onder heteroseksuele jongeren.