Het actieplan tegen homo- en transfobie zal deel gaan uitmaken van een groter plan tegen discriminatie. Bij de bekendmaking benadrukte de premier dat het de autoriteiten wel degelijk menens is en dat de wil van de regering om dit aan te pakken, bijzonder groot is.
‘Uiteraard stellen we dat zeer op prijs’, zegt woordvoerder Yves Aerts van LHBT-koepelorganisatie çavaria, die 10 november 2012 al met stift in zijn agenda aankruist. ‘Maar ook de andere beloofde actiepunten kunnen we wel smaken’, voegt hij eraan toe. ‘Op dit overleg werden we op meer getrakteerd dan de gebruikelijke vage beloftes’.
Een waslijst vol actiepunten
Het overleg was door de Belgische premier Di Rupo zelf bijeengeroepen na een initiatief van sp.a-parlementslid Jan Roegiers, dat na de homofobe moord op Ihsane Jarfi meer dan hoogdringend was geworden.
Roegiers herhaalde in het overleg de drie eisen van zijn petitie (aanpak van het geweld, een preventieve aanpak via onderwijs en responsabilisering van religieuze leiders) die door meer dan 10.000 mensen werd ondertekend.
Voorzitter Thierry Delaval van Arc-en-Ciel Wallonië accentueerde dat er na tien jaar iets gewijzigd moet worden aan de antidiscriminatiewetten. Yves Aerts wees op de drie pijlers in aanpak (repressie, preventie en wetgeving) en Michiel Vanackere (Wel Jong Niet Hetero) wees op de impact en realiteit van homo- en transfobie.
De ministers dienden van antwoord met een hele waslijst, waarin zowel wetsaanpassingen, preventie- en sensibiliseringscampagnes, de Rainbow Cops als wilde ideeën i.v.m. de nationale feestdag aan bod kwamen.
‘Als ik er de vijf belangrijkste actiepunten mag uitpikken’, zegt Yves Aerts, ‘dan kies ik voor het actieplan, de omzendbrief, de strafverzwaring, de refertepersonen en de ratificatie van de Yogyakarta-principes’.
Het actieplan
– Aan dit plan werken minister van Gelijke Kansen en Binnenlandse Zaken Milquet en minister van Justitie Turtelboom nauw samen. ‘Het lijkt ons een combinatie van repressieve maatregelen te worden, gekoppeld aan preventie en wetswijziging, net als in ons voorstel’, merkt Aerts op. ‘We hoopten dat ook de gemeenschappen zouden aangesproken worden en dat leek bevestigd te worden in woorden door Joëlle Milquet’. Er werd immers hardop gedacht over het aanspreken van geestelijke leiders. ‘Het is belangrijk dit open te trekken naar bijvoorbeeld onderwijs, welzijn en cultuur; dan moeten we aankloppen bij die gemeenschappen’, vult Vanackere aan.
De omzendbrief
– Beide ministeries werken ook, in samenwerking met de magistratuur, aan een omzendbrief. Die moet de drempels voor het melden verlagen en de verwerking ervan verbeteren. Minister Turtelboom wees erop dat het aantal meldingen niet alleen omhoog moet, maar dat ook de kwaliteit van de klachtmelding moet verbeteren. De dossiers zijn niet ‘stevig’ genoeg, zo blijkt, en worden daarom al te vaak geseponeerd. De omzendbrief zou criteria bevatten voor die meldingen, waardoor ze meer kans op verwerking zouden maken. Bovendien zou in de omzendbrief nog eens worden gewezen op de deontologische code van agenten en de levenslange vorming. Op die manier zouden onbehouwen reacties op LHBT’s tot het verleden moeten behoren. ‘De minister wil de drempels verlagen’, zegt Vanackere, ‘maar ze roept ook op om onze eigen drempels te overwinnen. Als we slachtoffer worden van homo- of transfoob geweld, dan moeten we klacht indienen’.
De strafverzwaring
– ‘De straf voor doodslag is beduidend lager dan die voor moord’, legt Yves Aerts uit, ‘maar de nieuwe wet die Annemie Turtelboom voorstelt, zal ervoor zorgen dat doodslag met homo- of transfoob motief, of een ander discriminerend motief, toch even zwaar wordt bestraft’.
De refertepersoon
– Nadat deze week bekend werd dat bij de parketten procureur-generaal Christian De Valkeneer voor een betere opvolging van de homofobiezaken zal moeten zorgen, legde Joëlle Milquet ook plannen op tafel voor een gelijkaardige refertepersoon bij de federale politie, verantwoordelijk voor de strijd tegen homo- en transfobie. Misschien zou dit ook kunnen worden opgezet voor de lokale politiekorpsen, of toch minstens per gerechtelijk arrondissement. De lokale verantwoordelijke zou dan toezien op een goede aanpak en opvolging van discriminatiedossiers.
Yogyakarta-principes
– ‘Annemie Turtelboom had moeite met het uitspreken van de naam’, vertelt Vanackere, ‘maar niet met de principes zelf. Ze wil er werk van maken om die principes, die de rechten van de mens vertalen naar rechten van holebi’s en transgenders, te ratificeren. Daarvoor moet wel nog overlegd worden met andere collega’s, want ook welzijn en gezondheidszorg worden hierdoor geraakt’.
De samenwerking
– Dat woord viel voortdurend. ‘Ze willen ons in het uitwerken van deze plannen betrekken, samen met het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding en het Instituut voor Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. Dit geeft ons de kans om de inhoud hiervan mee te kleuren met onze ervaringen en inzichten’, zegt Aerts. ‘En ook om er de vaart in te houden’, voegt Vanackere eraan toe. ‘We hebben de indruk dat hier vandaag een belangrijk startschot is gegeven’, vertellen beide woordvoerders na afloop van de vergadering, ‘en we hopen nu dat alle betrokkenen blijven lopen tot we aan de finish zijn’. Het leek de excellenties wel menens, want Joëlle Milquet vroeg om volgende maand al opnieuw samen te zitten om de vorderingen te bespreken.
‘En dat moet ook’, zegt Aerts, ‘want die zes maanden zullen snel voorbij zijn’. ‘We tellen al af’, vult Vanackere aan.