De Moskou Pride wordt al jarenlang door de Russische autoriteiten – in het bijzonder de inmiddels afgezette Moskouse burgemeester Joeri Loezjkov – verboden. Vanwege het verbod in 2006, 2007 en 2008 had Pride-organisator Nikolai Aleksejev een procedure aangespannen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
Vorige maand was Aleksejev twee dagen zoek. Naar eigen zeggen was hij, toen hij het vliegtuig naar Zwitserland wilde nemen, ontvoerd door niet nader geïdentificeerde mannen, die hem onder druk wilden zetten om zijn aanklacht bij het Europees Hof in te trekken.
Aleksejev is opgetogen over het vonnis van het Europees Hof. Tijdens een vandaag gehouden persconferentie zegt hij dat nu geen bestuur, advocaat of politicus hem voortaan nog kan verbieden een Moskou Pride te organiseren. Volgens Aleksejev zal 21 oktober voortaan de bevrijdingsdag voor Russische holebi’s zijn.
‘Ironisch genoeg heeft de gemeenteraad van Moskou uitgerekend vandaag een punt achter het Loezjkov-tijdperk gezet door een nieuwe burgemeester te benoemen’, zegt Aleksejev. ‘We hopen dat meneer Sobjanin notie neemt van de beslissing van het Europees Hof en de zesde Moskou Pride in mei 2011 goedkeurt’.
‘Dit vonnis van het Europees Hof is een klinkende overwinning voor Moskou Pride-organisator Nikolai Aleksejev en een erkenning van de burgerrechten van homoseksuele mannen, lesbische vrouwen, biseksuelen en transgenders om te demonstreren en vrij hun mening te uiten’, zegt voorzitter Vera Bergkamp van COC Nederland. ‘Volgend jaar kan de Moskou Pride niet weer verboden worden en bovendien zijn de Russische autoriteiten ook verplicht om er op toe te zien dat de deelnemers daar veilig aan kunnen deelnemen’.
Volgens het Europees Hof is het verbod van de Moskou Pride in strijd met de artikelen 11, 13 en 14 van het Europees Handvest. Die artikelen gaan respectievelijk over het recht op vereniging, het recht op beroep en het verbod op discriminatie. Op grond van artikel 41 is Rusland ook veroordeeld om de duizenden euro’s proceskosten van Aleksejev te vergoeden. Het vonnis werd vastgesteld door zeven rechters, waaronder de Rus Anatoli Kovler.
Het Europees Hof beklemtoont in het vonnis dat ‘het enkele feit dat een demonstratie een risico inhoudt dat de openbare orde verstoort wordt, is geen afvoldoende rechtvaardiging voor een verbod’. In de visie van het Europees Hof zou dat namelijk betekenen dat de ‘samenleving berooft wordt van de mogelijk kennis te nemen van omstreden opvattingen over vraagstukken die mogelijk voor de meerderheid van de bevolking gevoelig liggen’. Dat gaat volgens het Europees Hof ‘rechtstreeks in tegen de beginselen van het Europees Handvest voor de Rechten van de Mens’.
Het Europees Hof stelt vast dat door burgemeester Loezjkov in zijn beslissing om de Moskou Pride te verbieden veiligheidsaspecten onvoldoende onderzocht zijn. Bovendien wordt vastgestelt dat veiligheid voor de burgemeester ook een ondergeschikt argument was en dat zijn beleid er veel meer op gericht was tegemoet te komen aan de afwijzende morele opvattingen van de bevolking over homoseksualiteit. Dat wordt volgens het Europees Hof bevestigd in de talloze afwijzende uitspraken van Loezjkov en in het verweerschrift van Rusland in deze rechtszaak. De Moskou Pride wordt daarin omschreven als ‘homopropaganda onverenigbaar met de publieke moraal en de godsdienstige opvattingen en schadelijk voor kinderen en volwassenen die daarmee geconfronteerd zouden worden’.
In het vonnis wordt uitdrukkelijk gesteld dat er inmiddels een Europese consensus is dat homoseksuele manenn en lesbische vrouwen het recht hebben openlijk voor hun seksuele gerichtheid uit te komen en dat zij het recht hebben publiekelijk en ongehinderd hun belangen te behartigen. Ook door het houden van demonstraties, zoals de Moskou Pride. Rusland wordt daarom door het Europees Hof ook verplicht om voor de veiligheid van de deelnemers aan de Moskou Pride te zorgen – ook als dat de inzet van oproerpolitie betekent om tegenstanders op een veilige afstand te houden.
Dit vonnis van het Europees Hof is een bevestiging van een eerder baanbrekend oordeel in 2007 over het verbod van de Warschau Pride. Het Europese Hof verklaarde toen dat het verenigingsrecht en het recht op vrije meningsuiting in het Europees Handvest voor allen gegarandeerd wordt en dat een verbod op het houden van een Pride-demonstratie daarom in strijd is met het Europees Handvest en een vorm van discriminatie op grond van seksuele gerichtheid is.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens is verbonden aan de Raad van Europa – een orgaan waar ook Rusland lid van is. De rechters van het Europees Hof kijken of de lidstaten het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens naleven.
Zie HIER voor de tekst van het Moskou Pride-vonnis van het Europees Hof.