Terug naar overzicht

Montenegro stemt voor ruime anti-discriminatiewet

De anti-discriminatiewet werd met 67 stemmen voor, zes tegenstemmen en 4 onthoudingen door het parlement aangenomen.

Montenegro is kandidaat-lid van de Europese Unie en een van de laatste landen in de Balkan die een alomvattende anti-discriminatiewet aanneemt. Macedonië is de enige Balkan-staat die op dit punt in gebreke blijft. Daar werd afgelopen april in het parlement wel een anti-discriminatiewet aangenomen, maar de bescherming tegen discriminatie op grond van seksuele gerichtheid werd uit het wetsvoorstel gehaald.

‘We feliciteren Montenegro met deze belangrijke wetgeving’, zegt Lilit Poghosyn van ILGA-Europe. ‘We zijn ook erg gelukkig te zien dat alle landen in de regio – op Macedonië na – nu een alomvattende anti-discriminatiewet hebben waarmee discriminatie op grond seksuele gerichtheid verboden wordt, zoals de Europese Unie voorschrijft’.

Deze wetgeving is zeker een stap vooruit, maar ook wel een ‘afgedwongen’ stap vanwege het EU-lidmaatschap dat Montenegro nastreeft. Het betekent nog lang niet dat holebi’s en transgenders in Montenegro op korte termijn ook gelijke rechten zullen krijgen of dat er sprake is van sociale acceptatie van homoseksualiteit en genderidentiteit.

Op die punten scoort Montenegro slecht – zeker in vergelijking met bijvoorbeeld Slovenië, maar ook als gekeken wordt naar buurstaten als Albanië, Bosnië, Kosovo en Macedonië. Dat blijkt uit een artikel dat oktober vorig jaar verscheen in Balkan Insight.

Montenegro is bijvoorbeeld de enige Balkan-staat zonder een holebi/transgender-belangenorganisatie. Pogingen van ondermeer COC Nederland om die te helpen oprichten mislukten tot nu toe. Holebi’s en transgenders in Montenegro overleven door een verborgen en daarmee maatschappelijk gemarginaliseerd bestaan te leiden. Terwijl zichtbaarheid de sleutel verandering kan zijn.

In dat artikel blijkt verder dat homoseksualiteit en genderidenteit nog altijd taboe zijn in Montenegro en door het grootste deel van de bevolking worden afgewezen. Dat leidt er ook toe dat politici er wel voor uitkijken om zich openlijk uit te spreken voor de sociale acceptatie van homoseksualiteit en genderidentiteit.

Veelbetekend voorbeeld daarvan is de opstelling van minister Ferhat Dinosha van Mensen- en Minderheidsrechten. Die keerde zich meermaals publiekelijk tegen de alomvattende anti-discriminatiewet, omdat de bescherming tegen discriminatie voor holebi’s en transgenders niet overeen zou stemmen met de ‘morele opvattingen in de samenleving’. Montenegrijnse autoriteiten en politici schitterden ook door afwezigheid tijdens een in oktober vorig jaar in hun land gehouden – en mede door het ministerie van Dinosha gefinancierde – internationale conferentie over holebi/transgenderrechten.